Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Meldingen aankomst zeeschip

Onderdeel van Regeling meldingen zeeschepen Noordzeekanaalgebied 2015

Van een zeeschip dat op weg is naar een in de gemeente gelegen ligplaats worden aan de havenmeester de volgende gegevens gemeld: entry point zeezijde of achterland; naam van kapitein; nummer van de verklaring van vrijstelling (indien van toepassing); eventuele bijzonderheden aangaande het schip (defecten, schade, beperkingen); diepgang; naam van het in te zetten loodsbedrijf (indien van toepassing); naam van het in te zetten slepersbedrijf (indien van toepassing); aantal sleepboten dat wordt ingezet (indien van toepassing); naam van de in te zetten bootliedenorganisatie (indien van toepassing); naam van de scheepsagent; naam van de contactpersoon bij de scheepsagent; gegevens van de ligplaats; gegevens van de positie van de ligplaats waar wordt afgemeerd; van tankschepen met lege ladingtanks: correcte technische benaming van de laatste gevaarlijke of verontreinigende stof; VN-nummers waar deze bestaan, en; IMO-risicoklassen overeenkomstig de IBC- en IGC-code; indien een ruimte of de lading is ontsmet met een gas of met een stof die gas afstaat, wordt tevens gemeld: de aard van de ontsmette lading; de chemische of technische benaming van het gebruikte ontsmettingsmiddel; de ontsmette ruimte of de plaats van stuwage van de ontsmette lading; de datum en de plaats of de haven van behandeling met een ontsmettingsmiddel; de ruimten die zijn geventileerd na behandeling met een ontsmettingsmiddel; of geschikte gasmeetapparatuur aan boord is voor het meten van concentraties van ontsmettingsgas; of ruimten voor aankomst zijn gecontroleerd op de aanwezigheid van een ontsmettingsgas onder vermelding van de ruimte en de gemeten waarde in deeltjesvolume per miljoen; en locatie heli landingzone aan boord.

Rechtspraak bij dit artikel