Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van
heffing.
Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:
vakantieonderkomens: woningen en andere verblijven,
niet-zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, in
hoofdzaak bestemd voor dan wel gebezigd als verblijf voor
vakantie- en andere recreatieve doeleinden;
mobiele kampeeronderkomens: tenten, vouwwagens,
kampeerauto's, toercaravans, en soortgelijke onderkomens dan
wel soortgelijke voertuigen welke bestemd zijn dan wel
gebezigd worden als verblijf voor vakantie en andere
recreatieve doeleinden;
niet beroepsmatig verhuurde ruimten: woningen en andere
verblijven, of gedeelten daarvan, niet zijnde mobiele
kampeeronderkomens of stacaravans, welke niet in hoofdzaak
bestemd zijn als verblijf voor vakantie en andere
recreatieve doeleinden, doch wel in bepaalde perioden van
het jaar voor die doeleinden worden verhuurd, dan wel te
huur aangeboden;
vaste jaarplaats: een gehuurd terrein of terreingedeelte,
gelegen op een kampeerterrein, dat bestemd is voor het
gedurende een jaar hebben van een zelfde mobiel
kampeeronderkomen, stacaravan of vakantieonderkomen, dat
doorgaans na afloop van het jaar niet wordt verwijderd;
vaste seizoenplaats: een gehuurd terrein of terreingedeelte,
gelegen op een kampeerterrein, dat bestemd is voor het
gedurende een seizoen hebben van een zelfde mobiel
kampeeronderkomen, stacaravan of vakantieonderkomen, dat
doorgaans na afloop van het seizoen niet wordt verwijderd en
waarin het gedurende de winterperiode niet toegestaan is om
te overnachten;
seizoenplaats: een gehuurd terrein of terreingedeelte,
gelegen op een kampeerterrein, waar gedurende het seizoen
een zelfde mobiel kampeeronderkomen is geplaatst en dat na
afloop van het seizoen van de plaats wordt verwijderd;
toeristische plaats: een terrein of terreingedeelte dat
bestemd is voor het gedurende een jaar of seizoen plaatsen
van steeds wisselende mobiele kampeeronderkomens;
kampeerterrein: een terrein dat bestemd is om te worden
gebruikt voor verblijfsrecreatie;
arrangement: een reservering op een toeristische plaats voor
een gezin, echtpaar of samenreizende personen gedurende een
vooraf vastgelegde periode van minimaal vier weken voor een
vast huurbedrag;
voorseizoenarrangement: een arrangement lopend vanaf het
begin van het kampeerseizoen en eindigend aan het eind van
de maand juni;
verlengd voorseizoenarrangement: een arrangement lopend
vanaf het begin van het kampeerseizoen en eindigend in de
eerste helft van de maand juli;
naseizoenarrangement: een arrangement met een looptijd van
ongeveer twee maanden, startend na het hoogseizoen en
eindigend bij de afloop van het kampeerseizoen;
maandarrangement: een arrangement met een looptijd van één
maand gedurende de maand juni of september;
winterarrangement: een arrangement met een looptijd van
ongeveer vijf maanden, startend bij de afloop van het
kampeerseizoen en eindigend bij de start van het volgende
kampeerseizoen.
Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking
tot:
mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens en
stacaravans op vaste jaarplaatsen bepaald op 3;
mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste
seizoenplaatsen bepaald op 2,4;
mobiele kampeeronderkomens op seizoenplaatsen of bepaald op
2,4.
mobiele kampeeronderkomens op toeristische plaatsen bepaald
op:
1o 2,4, indien sprake is van een
voorseizoenarrangement;
2o 2,4, indien sprake is van een verlengd
voorseizoenarrangement;
3o 2,2, indien sprake is van een
naseizoenarrangement;
4o 2,1, indien sprake is van een
maandarrangement;
5o 2,1, indien sprake is van een
winterarrangement.
Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is
overnacht, wordt:
in geval van het eerste lid, sub a, bepaald op: 60;
in geval van het eerste lid, sub b, bepaald op: 50;
in geval van het eerste lid, sub c, bepaald op: 50.
in geval van het eerste lid, sub d, bepaald op:
1o 29, indien sprake is van een
voorseizoenarrangement;
2o 39, indien sprake is van een verlengd
voorseizoenarrangement;
3o 14, indien sprake is van een
naseizoenarrangement;
4o 12, indien sprake is van een
maandarrangement;
5o 16, indien sprake is van een
winterarrangement.
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van een toeristenbelasting 2016