De gebruikersheffing wordt geheven naar het aantal kubieke meters
water dat vanuit het perceel wordt afgevoerd.
Het aantal kubieke meters water wordt gesteld op het aantal kubieke
meters leidingwater en grondwater dat in de laatste aan het begin
van het belastingjaar voorafgaande verbruiksperiode naar het perceel
is toegevoerd of is opgepompt. Ingeval de verbruiksperiode niet
gelijk is aan een periode van twaalf maanden, wordt de hoeveelheid
water door herleiding naar tijdsgelang bepaald. Bij de herleiding
wordt een gedeelte van een kalendermaand voor een volle maand
gerekend.
De op de voet van het tweede lid berekende hoeveelheid toegevoerd of
gepompt water wordt verminderd met de hoeveelheid water die niet als
afvalwater is afgevoerd.
Ingeval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie moet die
pompinstallatie zijn voorzien van een:
watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan
worden afgelezen, of;
bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een
pompinstallatie met vaste capaciteit in bedrijf is geweest
kan worden afgelezen.
De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling
van de hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van
enige andere wettelijke bepaling.
Indien voor een perceel dat in gebruik is als woning, geen gebruik
overeenkomstig het tweede lid kan worden vastgesteld, wordt de
hoeveelheid water van het object bepaald op 45 m³ per persoon, dat
staat ingeschreven op het adres van de woning in de gemeentelijke
basisadministratie, per belastingjaar.
Indien voor een perceel dat niet in gebruik is als woning, geen
gebruik overeenkomstig het tweede lid kan worden vastgesteld, wordt
de hoeveelheid water van het object door middel van schatting
vastgesteld, met een minimum van 100 m³ per perceel.
Indien een perceel dat wel bemeterd is, water aanvoert naar een of
meer niet bemeterde percelen, wordt de op grond van dit artikel
bepaalde maatstaf van heffing betreffende het wel bemeterde perceel
verminderd met 100 m³ per niet bemeterd perceel.
De hoeveelheid water van het niet bemeterde perceel als bedoeld in
het zevende lid wordt gesteld op 100 m³ per belastingjaar.
Artikel 5
MAATSTAF VAN HEFFING
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing 2014