Voor de vorderingen op verbonden partijen en derden wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op oninbaarheid van de openstaande vorderingen.
Voor openstaande vorderingen betreffende:
onroerende zaakbelasting eigenaren;
rioolheffing;
afvalstoffenheffing; en
bijstandsvertrekking,
wordt, met uitzondering van individuele vorderingen groter dan € 5.000 een voorziening wegens oninbaarheid gevormd ter grootte van het historische percentage van oninbaarheid.
Hoofdstuk 3
Artikel 9
Voorziening voor oninbare vorderingen
Onderdeel van Financiële verordening Haaksbergen (9.1b)