Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 11

De subsidievaststelling

Onderdeel van Algemene subsidieverordening Haaksbergen (9.16b)

1.. Het college stelt, op basis van de in het vijfde lid van dit artikel genoemde stukken, binnen twaalf weken na de aanvraag van de subsidieontvanger tot vaststelling van de subsidie, de subsidie vast. Deze termijn kan eenmaal voor ten hoogste zes weken worden verdaagd. 2.. Bij de aanvraag tot vaststelling van een structurele subsidie verstrekt de subsidieontvanger vóór 1 mei van het jaar, volgend op het jaar waarop de subsidie betrekking heeft, de hiervoor noodzakelijke gegevens. Het college kan de subsidieontvanger in bijzondere gevallen uitstel verlenen tot uiterlijk 1 juli van het onder a bedoelde jaar voor het indienen van de aanvraag tot subsidievaststelling. Het verzoek om uitstel wordt voor 1 mei van het onder a bedoelde jaar bij het college ingediend. 3.. Bij de aanvraag tot vaststelling van een eenmalige subsidie verstrekt de subsidieontvanger binnen twaalf weken na het verstrijken van de subsidieperiode waarvoor de subsidie wordt vastgesteld, de hiervoor noodzakelijke gegevens aan het college. 4.. Wanneer binnen de gestelde termijn, genoemd in tweede en derde lid van dit artikel, van de subsidieontvanger geen aanvraag tot subsidievaststelling is ontvangen, kan het college de subsidie ambtshalve op een bedrag van € 0,00 vaststellen. 5.. Bij de aanvraag tot subsidievaststelling verstrekt de subsidieontvanger de volgende gegevens: een inhoudelijk verslag van de verrichte activiteiten over de afgelopen subsidieperiode, waarbij door de subsidieontvanger tevens een vergelijking wordt gemaakt tussen de beoogde en de gerealiseerde doelstellingen en een toelichting wordt gegeven op de verschillen; een financieel verslag van de afgelopen subsidieperiode, bestaande uit: een exploitatieoverzicht van de baten en lasten; een balans op de laatste dag van de subsidieperiode; een toelichting op het exploitatieoverzicht en de balans; een schriftelijke verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek omtrent de getrouwheid van het financieel verslag indien de subsidie € 75.000,00 of meer bedraagt. 6.. Het bepaalde in het vijfde lid, onderdeel b, sub 2 is niet van toepassing op de aanvraag tot vaststelling van een eenmalige subsidie. 7.. In afwijking van het eerste tot en met het vijfde lid van dit artikel stelt het college de waarderingssubsidie en de activiteitensubsidie vast overeenkomstig artikel 4:43 van de Awb.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel