**1..** Deze verordening is van toepassing op het verstrekken van de volgende soorten subsidies door het college:
budgetsubsidie;
activiteitensubsidie;
projectsubsidie;
waarderingssubsidie.
**2..** De in het eerste lid genoemde subsidies hebben betrekking op de volgende beleidsterreinen, met uitzondering van subsidies waarvoor bij afzonderlijke verordening een uitputtende regeling is getroffen en subsidies als bedoeld in artikel 4:23, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig is):
leefbaarheid;
gezondheid en maatschappelijke ondersteuning;
kinderen, jeugd en jongeren;
sport;
recreatie en toerisme;
kunst en cultuur;
monumenten.
**3..** Ten aanzien van subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig is kan het college bepalen dat deze verordening geheel of gedeeltelijk van toepassing is.