Naar hoofdinhoud

Artikel I

Vergunningen voor bewoners

Onderdeel van Uitgiftebesluit Parkeervergunningen 2016

1.. Een parkeervergunning voor een zone genoemd onder Afdeling II, artikel C, lid 1 van de Parkeerverordening wordt alleen verleend als de aanvrager in het bevolkingsregister staat ingeschreven als bewoner van een zelfstandige woning in de desbetreffende zone. 2.. In gebied A wordt per zelfstandige woning aan de houder van een motorvoertuig ten hoogste één parkeervergunning verleend. 3.. In gebied B wordt per zelfstandige woning: aan de houder(s) van maximaal twee motorvoertuigen ten hoogste twee parkeervergunningen verleend of; aan de houder van een motorvoertuig ten hoogste één vergunning en één bezoekersvergunning verleend of; ten hoogste één bezoekersvergunning verleend: en ten hoogste vijf boekjes á 10 stuks krasvergunningen per jaar verleend. 4.. Indien de aanvrager bewoner is van een zelfstandige woning al dan niet in een wooncomplex en beschikt over één of meer eigen parkeerplaatsen als bedoeld in lid 6, wordt het maximale aantal op grond van de voorgaande leden verleenbare vergunningen, met uitzondering van lid 3d, verminderd met het aantal dat overeenkomt met het aantal eigen parkeerplaatsen. 5.. Per parkeervergunning kunnen maximaal twee kentekens worden geregistreerd. 6.. Onder een eigen parkeerplaats bij een zelfstandige woning al dan niet in een wooncomplex wordt verstaan: een parkeerplaats in een garage of op een terrein (met een lengte groter of gelijk aan vijf meter), waarover de aanvrager kan beschikken, of de beschikking kan krijgen, omdat deze volgens een Raadsbesluit, een bouwvergunning, een erfpacht- of splitsingsakte of een huur- of koopovereenkomst voor gebruik bij de woning van de aanvrager is bestemd. 7.. Samenloop: zie artikel II, lid 5 van dit besluit.

Rechtspraak bij dit artikel