**1..** De accountantscontrole wordt opgedragen aan een door de raad te
benoemen accountant. De benoeming van de accountant geschiedt voor
een periode van maximaal 4 jaar.
**2..** De griffier bereidt in overleg met de auditcommissie de aanbesteding
van de accountantscontrole voor. Het college adviseert en
ondersteunt hierbij.
De opdrachtverstrekking vindt conform art. 171 van de gemeentewet
plaats door het college.
**3..** De raad stelt voor de aanbesteding van de accountantscontrole het
programma van eisen vast. In het programma van eisen worden voor de
jaarlijkse accountantscontrole opgenomen:
de toe te passen goedkeuringstoleranties (en afwijkende
rapporteringstoleranties) bij de controle van de
jaarrekening;
de apart te controleren deelverantwoordingen en de daarbij
toe te passen goedkeuringstoleranties (en afwijkende
rapporteringstoleranties);
de inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen;
de eventueel aanvullende uit te voeren tussentijdse
controles;
de frequentie en inrichtingseisen van de aanvullende
tussentijdse rapportering;
**4..** de raad neemt in het programma van eisen op dat de auditcommissie
namens de raad jaarlijks voorafgaand aan de accountantscontrole in
overleg met de accountant de posten van de jaarrekening, de posten
van de deelverantwoordingen, de gemeentelijke producten en de
gemeentelijke organisatieonderdelen vaststelt, waaraan de accountant
bij zijn controle specifiek aandacht dient te besteden en welke
rapporteringstoleranties hij daarbij dient te hanteren.
**5..** In afwijking van lid 1 tot 4 heeft de raad de mogelijkheid om al dan
niet in samenwerking met andere gemeenten, een eigen accountant in
dienst te nemen.