Naar hoofdinhoud
1.. De heffingsmaatstaf voor de berekening van de belasting is het aantal vierkante meters ingenomen grondoppervlakte. 2.. Gedeelten van in deze verordening vermelde eenheden worden voor een geheel gerekend. 3.. In afwijking van het eerste en vierde lid is de heffingsmaatstaf bij het hebben van buizen, kabels, draden en leidingen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond het aantal strekkende meters. Het aantal strekkende meters wordt gesteld op het aantal strekkende meters dat aanwezig is bij aanvang van het belastingtijdvak. 4.. Bij het hebben van voorwerpen op of boven gemeentegrond voor de openbare dienst bestemd wordt de oppervlakte bepaald op die welke door de voorwerpen worden overdekt.

Rechtspraak bij dit artikel