**1..** De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij de aanvang van het parkeren.
**2..** De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd bij de aanvang van het heffingstijdvak, waarvoor de belasting wordt geheven.
**3..** Indien de belastingplicht als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, in de loop van het jaar aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
Indien een parkeerabonnement of -vergunning wordt toegekend op of voor de 15e van een maand dan wordt deze maand gerekend als zijnde een volle kalendermaand.
Indien een parkeerabonnement of -vergunning wordt toegekend na de 15e van een maand dan wordt deze maand niet in rekening gebracht.
**4..** Indien de belastingplicht als bedoeld in artikel 2, onderdeel b in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na einde van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven.
Artikel 5.
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen 2016