De intrekkingsprocedure van de omgevingsvergunning is als volgt.
1.
Indien de omgevingsvergunning tot stand is gekomen met de reguliere voorbereidingsprocedure:
a.
Krijgt de vergunninghouder voordat een omgevingsvergunning wordt ingetrokken de gelegenheid om hierover binnen een termijn van 4 weken een zienswijze naar voren te brengen.
b.
Neemt het college binnen 8 weken na ontvangst van de zienswijze een besluit over het intrekken van de omgevingsvergunning volgens deze beleidsregels.
c.
Wordt het besluit om de omgevingsvergunning in te trekken bekendgemaakt aan de vergunninghouder en wordt het besluit gepubliceerd in ‘InEMMEN’.
2.
Indien de omgevingsvergunning tot stand is gekomen met de uitgebreide voorbereidingsprocedure:
a.
Wordt voordat een omgevingsvergunning wordt ingetrokken het ontwerp van het te nemen besluit 6 weken ter inzage gelegd. Hiervoor wordt een kennisgeving van het ontwerpbesluit gepubliceerd in ‘InEMMEN’.
b.
Kunnen belanghebbenden zowel schriftelijk als mondeling hun zienswijze over het ontwerp naar voren brengen.
c.
Neemt het college, indien er geen zienswijzen naar voren zijn gebracht, binnen 4 weken nadat de termijn voor het naar voren brengen van zienswijzen is verstreken het besluit.
d.
Neemt het college, indien er wel zienswijzen naar voren zijn gebracht, het besluit uiterlijk 12 weken na de terinzagelegging.
e.
Wordt het besluit om de omgevingsvergunning in te trekken bekendgemaakt aan de vergunninghouder en eventueel derdebelanghebbenden en wordt het besluit gepubliceerd in ‘InEMMEN’.
Artikel 7
Procedure tot intrekking van de omgevingsvergunning
Onderdeel van Beleidsregels intrekken omgevingsvergunningen voor de activiteit bouwen