**1..** Het tarief bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel a, bedraagt € 1,50 per persoon.
**2..** Het tarief bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel b, bedraagt € 1,50 per persoon per overnachting.
Artikel 8 Belastingjaar
Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.
Artikel 9 Vrijstellingen
De belasting, bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel a, wordt niet geheven ter zake van het verblijf door personen die jonger zijn dan twaalf jaar.
De belasting, bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel b, wordt niet geheven ter zake van het verblijf door degene, die:
jonger is dan vier jaar;
als verpleegde of verzorgde in een inrichting tot verpleging of verzorging
van zieken, van gebrekkigen, van hulpbehoevenden of van ouden van dagen verblijft;
uit hoofde van zijn beroep of functie tijdelijk binnen de gemeente tegen betaling werkzaamheden verricht;
ingevolge last of bevel van de overheid tijdelijk binnen de gemeente verblijft;
als bloed- of aanverwant tot en met de tweede graad in recht lijn nachtverblijf houdt bij hem, die als ingezetene in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens is ingeschreven;
als bezoeker van een begrafenis of het bezoeken van een graf van een bloed- of aanverwant tot en met de tweede graad in recht lijn, tijdelijk binnen de gemeente verblijft. In dit geval wordt de belasting niet van de eerste overnachting geheven;
reeds uit hoofde van de Verordening watertoeristenbelasting ten behoeve van dezelfde overnachting(en) belasting heeft betaald;
verblijf houdt in een gemeubileerde woning indien hij ter zake van het verblijf in of het ter beschikking houden van die woning forensenbelasting is verschuldigd.
Artikel 10 Wijze van heffing
De belasting, bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel a, wordt bij wege van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving geheven, waaronder mede begrepen wordt een bon, nota of andere schriftuur;
De belasting, bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel b, wordt bij wege van aanslag geheven.
Artikel 11 Aanslaggrens
Geen belastingaanslag wordt opgelegd indien het aantal overnachtingen waartoe gelegenheid is of wordt gegeven, gedurende het belastingjaar minder dan tien zal of heeft belopen.
Artikel 12 Termijnen van betaling
De belasting, bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel a, moet worden betaald ingeval de kennisgeving, bedoeld in artikel 10, lid 1:
mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van die kennisgeving;
schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het uitreiken van de kennisgeving.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de belastingaanslagen als bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel b, worden betaald uiterlijk één maand na dagtekening van het aanslagbiljet.
In afwijking van het tweede lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald inéén termijn. Deze termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet;
De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in dit artikel gestelde termijnen.
Artikel 13 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de toeristenbelasting.
Artikel 14 Kwijtschelding
Bij de invordering van de toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 15 Aanmeldingsplicht
De belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, lid 2, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening gelegenheid tot overnachten verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel b en d van de Gemeentewet.
Artikel 16 Inwerkingtreding en citeertitel
De "Eerste wijziging op Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2014” van 17 december 2013 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking.
De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2015.
Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening toeristenbelasting 2015".
Terschelling, 28 oktober 2014.
De raad van de gemeente Terschelling voornoemd,
Hofman, J.H. Bats,
voorzitter.
Artikel 7
Belastingtarief
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting 2015