De belasting, bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel a, wordt
niet geheven ter zake van het verblijf door personen die jonger zijn
dan twaalf jaar.
De belasting, bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel b, wordt
niet geheven ter zake van het verblijf door degene, die:
jonger is dan vier jaar;
als verpleegde of verzorgde in een inrichting tot verpleging of
verzorging
van zieken, van gebrekkigen, van hulpbehoevenden of van ouden van dagen
verblijft;
uit hoofde van zijn beroep of functie tijdelijk binnen de gemeente
tegen betaling werkzaamheden verricht;
ingevolge last of bevel van de overheid tijdelijk binnen de gemeente
verblijft;
als bloed- of aanverwant tot en met de tweede graad in recht lijn
nachtverblijf houdt bij hem, die als ingezetene in de gemeentelijke
basisadministratie persoonsgegevens is ingeschreven;
als bezoeker van een begrafenis of het bezoeken van een graf van een
bloed- of aanverwant tot en met de tweede graad in recht lijn,
tijdelijk binnen de gemeente verblijft. In dit geval wordt de
belasting niet van de eerste overnachting geheven;
reeds uit hoofde van de Verordening watertoeristenbelasting ten
behoeve van dezelfde overnachting(en) belasting heeft betaald;
verblijf houdt in een gemeubileerde woning indien hij ter zake van
het verblijf in of het ter beschikking houden van die woning
forensenbelasting is verschuldigd.
Artikel 9
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting 2016