Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto, caravan, dan wel enig
ander onderkomen of ander voertuig of gewezen voertuig of gedeelte
daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde waarvoor een
omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel
2.1, eerste lid, onderdeel a, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
is vereist; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen
geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden
of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf.
kampeerterrein: terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht,
en volgens die inrichting be- stemd om daarop gelegenheid te geven
tot het plaatsen of geplaatst houden van kampeermidde- len.
vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte, dat deel uitmaakt
van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld voor de
plaatsing van eenzelfde kampeermiddel gedurende een seizoen of een
jaar.
volgtijdige standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel
uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld
voor de volgtijdige plaatsing van kampeermiddelen.
woning: huis, een naar aard en inrichting vergelijkbaar ander
onderkomen of deel van een huis of een vergelijkbaar
onderkomen;
particulier: een natuurlijk persoon die buiten de uitoefening van
een bedrijf of beroep gelegen- heid biedt tot verblijf.
particulier verhuurde woning: een woning die door een particulier
ter beschikking wordt gesteld voor het houden van verblijf met
overnachting tegen een vergoeding in welke vorm dan ook.
scouts: personen die deelnemen aan een door een scoutingorganisatie
georganiseerd evenement met een scoutingkarakter en die lid zijn van
een scoutingorganisatie die is aangesloten bij de vereniging
Scouting Nederland.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2016