De rioolheffing is verschuldigd bij de aanvang van het
belastingtijdvak of, indien de belastingplicht in de loop van
het belastingtijdvak aanvangt, bij de aanvang van de
belastingplicht.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel 365ᵉ
gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in
dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle dagen
overblijven.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
eindigt, wordt ontheffing verleend over zoveel 365ᵉ gedeelten
van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar,
na het einde van de belastingplicht, nog volle dagen
overblijven.
Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de
belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar van een
ander perceel gebruik maakt.
De voorgaande leden van dit artikel zijn niet van toepassing
ingeval van een incidentele lozing.
Artikel 9
Ontstaan van de belastingschuld
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2016