Naar hoofdinhoud
De rechten worden niet geheven voor: 1.. het bijzetten van een asbus of urn met de as van een kind, dat beneden de leeftijd van 3 maanden is overleden en dat in één kist met zijn moeder wordt begraven of waarvan de as met die van de moeder wordt geborgen in één urn; 2.. het begraven van een lijk of het bijzetten van een asbus/urn buiten de daarvoor in artikel 9 van de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaats vastgestelde tijden, indien het begraven of het bijzetten van een asbus/urn: plaatsvindt op een door burgemeester en wethouders in het belang van de openbare orde gegeven last; plaatsvindt op een door burgemeester en wethouders in het belang van de volksgezondheid gegeven last; op grond van wettelijke bepalingen op geen ander tijdstip dan het gevraagde kan plaatsvinden; noodzakelijk in de hiervoor genoemde tijd moet plaatshebben na beëindiging van een door de officier van Justitie of rechter-commissaris gelast uitstel van begraving van het lijk een herbegraving is als bedoeld in hoofdstuk 5 van de Tarieventabel. 3.. het opgraven en herbegraven op dezelfde begraafplaats van een lijk of een asbus/urn, alsmede voor het overplaatsen van een lijk of een asbus/urn vanuit het ene naar het andere graf op dezelfde begraafplaats, indien dit gebeurt op rechtelijk.gezag; 4.. het in behandeling nemen van een aanvraag voor het afgeven van een vergunning ter zake van het aanbrengen van beplanting of enige andere versiering als bedoeld in hoofdstuk 6, onderdeel 6.1 van de Tarieventabel.

Rechtspraak bij dit artikel