Naar hoofdinhoud
1.. Het Dagelijks Bestuur zendt vóór 15 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders en de voorlopige jaarrekening aan de raden van de deelnemende gemeenten. 2.. Het Algemeen Bestuur stelt jaarlijks vóór 1 augustus de begroting vast voor het eerstvolgende begrotingsjaar. Alvorens hiertoe over te gaan wordt de procedure als omschreven in artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke Regelingen in acht genomen. 3.. In de begroting wordt aangegeven de naar raming voor elke deelnemende gemeente voor het jaar, waarop de begroting betrekking heeft, verschuldigde bijdrage per inwoner. 4.. Voor de berekening van de in het voorgaand lid bedoelde bijdrage wordt uitgegaan van het inwonertal op 1 januari van het jaar, voorafgaand aan dat, waarvoor de bijdrage verschuldigd is, volgens de door het Centraal Bureau voor de Statistiek openbaar gemaakte bevolkingsgegevens. 5.. De begroting wordt voor 1 augustus toegezonden aan Gedeputeerde Staten. 6.. Het Algemeen Bestuur stelt jaarlijks vóór 15 juli de jaarrekening vast in het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft. De jaarrekening wordt vóór 15 juli toegezonden aan Gedeputeerde Staten.

Rechtspraak bij dit artikel