**1..** Het college verzamelt alle voor het onderzoek, bedoeld in artikel 7,
van belang zijnde en toegankelijke gegevens over de jeugdige en zijn
situatie, met inachtneming van de bepalingen over privacy en
gegevensuitwisseling die gelden op grond van de Jeugdwet en de Wet
op de bescherming persoonsgegevens, en maakt vervolgens zo spoedig
mogelijk met hem een afspraak voor een gesprek.
**2..** Voor het gesprek verschaffen de jeugdige of zijn ouders aan het
college alle overige gegevens en bescheiden die naar het oordeel van
het college voor het onderzoek nodig zijn en waarover zij
redelijkerwijs de beschikking kunnen krijgen. De jeugdige of zijn
ouders verstrekken in ieder geval een identificatiedocument als
bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter
inzage.
**3..** Het college kan in overleg met de jeugdige of zijn ouders afzien van
een vooronderzoek als bedoeld in het eerste en tweede lid.