**1..** Het marktgeld voor een vaste plaats is verschuldigd bij het begin
van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de
belastingplicht.
**2..** Indien de belastingplicht ter zake van een vaste plaats in de loop
van het belastingtijdvak aanvangt, is het marktgeld verschuldigd
voor zoveel derde gedeelten van dat belastingtijdvak verschuldigde
marktgeld als er in dat belastingtijdvak, na de aanvang van de
belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
**3..** Indien de belastingplicht ter zake van een vaste plaats in de loop
van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing
voor derde zoveel gedeelten van het voor dat belastingtijdvak
verschuldigde marktgeld, als er in dat belastingtijdvak, na het
einde van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven,
tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan €
10,00.
**4..** Het marktgeld voor een dagplaats is verschuldigd bij de aanvang van
het innemen van een standplaats.
**5..** Wanneer de belastingplichtige die gebruik maakt van een vaste
standplaats gedurende meer dan vijf weken aantoonbaar buiten
zijn/haar wil niet in staat geweest is de weekmarkt te bezoeken en
evenmin gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid zich te laten
vervangen, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel derde
gedeelten van het voor dat belastingtijdvak verschuldigde marktgeld
als er volle kalendermaanden zijn, gedurende welke van de
standplaats geen gebruik is gemaakt.
Artikel 6
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdgelang
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden Zundert 2016