Naar hoofdinhoud

Artikel 5

- Vrijstellingen

Onderdeel van Verordening reclamebelasting 2016

De reclamebelasting wordt niet geheven ter zake van openbare aankondigingen: die kunnen worden aangemerkt als algemene bewegwijzering waarmee een algemeen belang wordt gediend; die door of in opdracht van de gemeente zijn aangebracht, indien en voor zover de openbare aankondiging geschiedt ter uitvoering van een publiekrechtelijke taak; die door (semi-)overheden of culturele, maatschappelijke of daarmee gelijk te stellen lichamen met ideële doelstellingen zijn aangebracht en betrekking hebben op activiteiten die een cultureel, maatschappelijk, charitatief of ideëel belang dienen; op zuilen, borden, muren of andere constructies, aangewezen door het bevoegde bestuursorgaan; aangebracht op een voertuig, tenzij dat kennelijk is bestemd voor het voeren van reclame; aangebracht op of bij bouwterreinen, voor zover deze rechtstreeks betrekking hebben op de op dat terrein in uitvoering zijnde bouwwerkzaamheden; betrekking hebbend op openbare verkoping, verkoop of verhuur van een onroerende zaak, indien deze aanwezig zijn in de onmiddellijke aanwezigheid van de te verkopen dan wel te verhuren zaak; met uitsluitend naamsvermeldingen en/of openingstijden met een gezamenlijke oppervlakte van minder dan 0,20 m² ; betreffende niet tot reclame dienende aanwijzingen voor het publiek op brievenbussen, postzegelautomaten en telefooncellen; waarvoor op grond van een privaatrechtelijke overeenkomst betaling aan de gemeente moet geschieden of een vergoeding aan de gemeente verschuldigd is.

Rechtspraak bij dit artikel