Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Maatstaf van heffing

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2016

1.. De belasting wordt ter zake van niet-woningen geheven naar het aantal kubieke meters afvalwater dat vanuit het perceel wordt afgevoerd. 2.. Het aantal kubieke meters water wordt gesteld op het aantal kubieke meters leidingwater en grondwater dat in het aan het belastingjaar voorafgaande kalenderjaar naar het perceel is toegevoerd of opgepompt. 3.. Ingeval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie moet die pompinstallatie zijn voorzien van een: watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan worden afgelezen, of bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een pompinstallatie met vaste capaciteit in bedrijf is geweest kan worden afgelezen. De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling van de hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van enige wettelijke bepaling. 4.. De op de voet van het tweede lid berekende hoeveelheid toegevoerd of opgepompt water wordt verminderd met de hoeveelheid water die niet als afvalwater is afgevoerd. 5.. De belasting wordt ter zake van woningen geheven naar een vast bedrag afhankelijk van de omvang van het huishouden.

Rechtspraak bij dit artikel