Naar hoofdinhoud

Paragraaf 2.

Artikel 2.

Vergunningplicht voor onttrekken, omzetten en woningvorming

Onderdeel van Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2016

1.. De in de volgende leden van dit artikel aangewezen categorieën woonruimten mogen niet zonder vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet: anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor aan huis of praktijkruimte aan huis door de eigenaar aan de bestemming tot bewoning worden onttrokken; van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte worden omgezet; worden verbouwd tot twee of meer woonruimten. 2.. Aangewezen worden: Woonruimten met een WOZ-waarde tot en met € 200.000 gelegen in de in artikel 2 van Bijlage 1 genoemde delen van de gemeente; Onzelfstandige woonruimten in gebouwen met een WOZ-waarde tot en met € 200.000 gelegen in de in artikel 2 van Bijlage 1 genoemde wijken van de gemeente. 3.. Aangewezen worden: Woonruimten met een WOZ-waarde gelegen tussen € 200.000 en € 250.000 gelegen in de in artikel 3 van Bijlage 1 genoemde wijken van de gemeente; Onzelfstandige woonruimten met een WOZ-waarde gelegen tussen € 200.000 en € 250.000 gelegen in de in artikel 3 van Bijlage 1 genoemde wijken van de gemeente. 4.. In afwijking van het bepaalde in lid 2 en lid 3 zijn niet aangewezen woonruimten die voldoen aan de volgende voorwaarden, voor de duur dat zij aan deze voorwaarden voldoen: De eigenaar is in de woonruimte woonachtig; en, De eigenaar heeft in die woonruimte onzelfstandige woonruimte in gebruik gegeven aan ten hoogste twee personen die geen deel uitmaken van zijn huishouden. 5.. In afwijking van het bepaalde in lid 2 en lid 3 zijn voorts niet aangewezen woonruimten die voldoen aan de volgende voorwaarden, voor de duur dat zij aan deze voorwaarden voldoen: De woonruimte wordt bewoond door ten hoogste drie personen die geen huishouden vormen; en, De woonruimte is geen flat- of portiekwoning.

Rechtspraak bij dit artikel