**1.** Plus- of min-uren kunnen ontstaan als gevolg van inroostering of als gevolg van tijd-voor-tijd-compensatie.
**2.** Bij het roosteren kan het saldo per maand maximaal op 10 plus-uren of 10 min-uren uitkomen.
**3.** Alle plus- en min-uren worden uiterlijk in de volgende dienstroosterperiode (kwartaal) gecompenseerd.
**4.** Indien compensatie in het volgende kwartaal niet mogelijk is, dienen medewerker en leidinggevende nadere afspraken te maken over de compensatie van deze uren.
**5.** Een eventueel positief of negatief saldo plus- of min-uren vervalt aan het eind van het kalenderjaar.
**6.** In uitzondering op lid 3 mogen plus-of min-uren die in het laatste kwartaal van het kalenderjaarontstaan mee worden genomen naar het eerste kwartaal van volgend jaar.
**7.** Voor medewerkers die werken in gladheidsbestrijdingsdiensten, geldt in afwijking van lid 2 tot en met 6 dat alle plus- en min-uren die ontstaan, binnen een jaar moeten worden in- of uitgeroosterd en dat een eventueel positief of negatief saldo van een jaar op 1 oktober komt te vervallen.