**1..** In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet
de aanslag worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste
vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de
dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden
later.
**2..** In afwijking van het bepaalde in het eerste lid geldt, zolang de
verschuldigde bedrag door middel van automatische incasso van het
International Bank Account Number (IBAN) van de belastingplichtige kan
worden afgeschreven, dat de aanslag moet worden betaald in twaalf (12)
gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt tussen de 24e en de laatste
dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het
aanslagbiljet is vermeld. Elk van de volgende termijnen steeds een maand
later (eveneens tussen de 24e en de laatste dag van de maand).
**3..** Indien het verschuldigde bedrag tweemaal achtereen niet door middel van
automatische incasso van het International Bank Account Number (IBAN)
kan worden afgeschreven, vervalt voor het betreffende aanslagbiljet de
mogelijkheid tot automatische incasso en gelden de betalingstermijnen,
zoals genoemd in het eerste lid.
**4..** De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in voorgaande
leden gestelde termijnen.
Artikel 7
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van onroerende-zaakbelastingen 2016