In deze verordening en de daarop rustende bepalingen wordt verstaan
onder:
autodate: het herhaald en opeenvolgend gezamenlijk gebruik van
motorvoertuigen op grond van een overeenkomst tussen natuurlijke
personen en een aanbieder of tussen natuurlijke personen uit
meer dan één huishouden;
autodateplaats: een parkeerplaats aangewezen voor een
motorvoertuig bestemd voor autodate;
belanghebbendenplaats: een parkeerplaats die is aangeduid met
bord E9 uit bijlage 1 van het RVV 1990 zonder toevoeging (op het
bord of op een onderbord) van de tekst ‘dagkaarten
toegestaan’;
college: het college van burgemeester en wethouders
gehandicaptenvoertuig: hetgeen hieronder wordt verstaan in
artikel 1 onder r van het RVV 1990;
houder van een motorrijtuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in
lid 5 van artikel 225 van de Gemeentewet;
motorvoertuigen: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV
1990 met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1
onder ia van het RVV 1990;
parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten
staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die
nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of
uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen
van goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar
verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen
of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is
verboden;
parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten met inbegrip
van verzamelparkeermeters en hetgeen naar maatschappelijke
opvatting onder parkeerapparatuur wordt verstaan, alsmede
belparkeren;
parkeerapparatuurplaats: een parkeerplaats waarvoor
parkeerbelasting wordt geheven door middel van
parkeerapparatuur, waaronder inbegrepen de parkeerplaatsen welke
zijn aangeduid met het bord E9 uit bijlage 1 van het RVV 1990
(of de zonale variant daarvan), onder de toevoeging (op het bord
of op een onderbord) van de tekst ‘dagkaarten toegestaan’;
parkeervergunning: een door het college verleende vergunning,
waarmee het is toegestaan een motorvoertuig te parkeren op
daartoe aangewezen parkeerapparatuur- en/of belanghebbenden
parkeerplaatsen;
RVV 1990: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;
vergunningjaar: periode van 1 februari tot en met 31 januari van
het daaropvolgende jaar.