Binnenhavengeld wordt niet geheven ter zake van:
het gebruik van de haven met een binnenschip, uitsluitend voor het in de haven dokken,
het op of aan een erkende scheepsreparatie-inrichting herstellen, het voor de eerste
maal vaarklaar maken, het slopen, het wisselen van bemanning, het stellen van kompassen,
het ontschepen van zieken of doden, mits:
het gebruik niet langer duurt dan voor een en ander noodzakelijk is en de termijn
van 4 weken niet te boven gaat en
vooraf en onmiddellijk na afloop van de werkzaamheden hiervan aan de ambtenaar,
belast met de heffing of de invordering van belastingen ingevolge
artikel 231, tweede lid, onderdelen b en c, van de Gemeentewet, schriftelijk kennis
is gegeven onder overlegging van een door de beheerder van de betrokken
scheepsreparatie-inrichting afgegeven bevestigende schriftelijke verklaring.
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van binnenhavengelden gemeente Oldambt