**1..** Een belastingplichtige die middels een medische verklaring kan aantonen
dat ten gevolge van een ziekte of een lichamelijk ongemak op zijn of
haar perceel permanent beduidend meer restafval wordt geproduceerd dan
op een perceel waar geen sprake is van deze ziekte of dat lichamelijk
ongemak wordt op schriftelijk verzoek achteraf vrijstelling verleend van
een gedeelte van de belasting als bedoeld in artikel 4, tweede lid.
**2..** De vrijstelling voor de verwijdering van restafval in twee
achtereenvolgende belastingtijdvakken is voor een gebruiker van een 25
liter emmer gelijk aan 50% van de verschuldigde belasting met een
maximum van 53 ledigingen, voor de gebruiker van een 140 liter container
gelijk aan 50% van de verschuldigde belasting met een maximum van 10
ledigingen en voor de gebruiker van een 240 liter container gelijk aan
50% van de verschuldigde belasting met een maximum van 6
ledigingen.
**3..** De vrijstelling kan worden aangevraagd binnen zes weken na afloop van
het vierde belastingtijdvak of binnen zes weken nadat belastingplichtige
is verhuisd en is uitgeschreven uit de gemeentelijke
bevolkingsadministratie.
**4..** Indien de belastingplicht is ontstaan in de loop van het
belastingtijdvak is het bedrag van de vrijstelling gelijk aan zoveel
derde gedeelte van het volgens het tweede lid van dit artikel berekende
bedrag als de belastingplichtige in dat belastingtijdvak maanden
vastrecht als bedoeld in artikel 4, eerste lid, verschuldigd is.
**5..** Indien de ziekte of het lichamelijk ongemak is ontstaan in de loop van
het belastingtijdvak is het bedrag van de vrijstelling gelijk aan zoveel
derde gedeelte van het volgens het tweede lid van dit artikel berekende
bedrag als de belastingplichtige of de medebewoner van het perceel
waarvoor hij belastingplichtig is in dat belastingtijdvak volle maanden
een ziekte of lichamelijk ongemak heeft als bedoeld in het eerste
lid.
**6..** In afwijking van het bepaalde in de vorige leden van dit artikel kan het
bedrag van de vrijstelling nooit meer bedragen dan de belasting die door
een belastingplichtige op grond van artikel 4, tweede lid over twee
belastingtijdvakken is verschuldigd.
**7..** Het bedrag van de vrijstelling wordt na afloop van het tweede
belastingtijdvak uitbetaald aan de belastingplichtige.