Deze verordening verstaat onder:
de wet: Participatiewet;
IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers;
IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;
Wet Suwi: de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
Bbz: het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004;
College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nissewaard;
Bijstand: 1° bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de Participatiewet, of 2° bijstand van de bijstand als bedoeld in artikel 5 van de IOAW of artikel 5 van de IOAZ;
Tegenprestatie: het naar vermogen door het college opgedragen onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden verrichten die worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid en die niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt;
Inlichtingenplicht: de verplichtingen als bedoeld in artikel 17, eerste lid van de wet, artikel 38 tweede lid van het Bbz, artikel 30c tweede of derde lid van de wet Suwi;
Zeer ernstige verplichtingen: het op een dusdanige wijze bejegenen van het college, dan wel personen die in diens opdracht de wet uitvoeren, dat deze zich op een fysieke en/of psychischewijze bedreigd voelen. Dit is krachtens artikel 9, zesde lid, een bijzondere vorm van het niet nakomen van de aan de bijstand verbonden verplichtingen;
Benadelingsbedrag: de bijstand waarop eerder, langer of tot een hoger bedrag een beroep wordt of is gedaan ten gevolge van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan;
Voorziening: een re-integratievoorziening als bedoeld in artikel 6, eerste lid van de wet alsmede een opleiding als bedoeld in artikel 7.3.1. van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
wet Suwi: de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.
Hoofdstuk 1
Artikel 1