**1..** Indien een maatregel is opgelegd vanwege een schending van de arbeidsverplichtingen of de schending van artikel 55 van de Participatiewet of de belanghebbende zich zeer ernstig misdraagt tegenover personen en instanties die zijn belast met de uitvoering van de wet, als bedoeld in artikel 9, zesde lid van de Participatiewet en artikel 37, eerste lid, onderdeel g van de IOAW en de IOAZ, dan kan de belanghebbende conform artikel 18 lid 11 van de Participatiewet gedurende de looptijd van de maatregel een herzieningsverzoek indienen. Een dergelijk verzoek dient schriftelijk te gebeuren.
**2..** Indien ten tijde van het herzieningsverzoek uit de houding en het gedrag van belanghebbende ondubbelzinnig blijkt dat deze de geschonden verplichtingen weer nakomt, dan kan de maatregel worden herzien, met dien verstande dat uitsluitend het nog niet verrekende deel van de maatregel wordt ingetrokken.
**3..** In afwijking van het bepaalde in tweede lid, komt het deel van de maatregel welke is of wordt verrekend in de eerste maand, niet voor herziening in aanmerking.
Hoofdstuk 3:
Artikel 6.