Naar hoofdinhoud
1. . Op een aanvraag van de belastingplichtige wordt de belasting met betrekking tot de nog niet aangevangen belastingjaren ineens geheven. 2. . De alsdan te heffen belasting is gelijk aan de contante waarde van de belastingbedragen, welke geheven zou zijn – beoordeeld naar de omstandigheden bij het begin van het belastingjaar waarvoor de aanvraag wordt gedaan – voor elk van die nog niet aangevangen belastingjaren. 3. . De contante waarde bedoeld in het vorige lid, wordt berekend naar de rentevoet van 7% per jaar. 4. . Een aanvraag, als bedoeld in het eerste lid, moet voor 1 December bij de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoeld gemeenteambtenaar.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel