De eigen bijdrage wordt berekend, opgelegd en geïnd (art.5.1.3 Wmo) door het Centraal Administratie Kantoor- Bijzondere Zorgkosten(CAK-BZ). Het CAK-BZ vraagt hiervoor de inkomensgegevens op bij de Belastingdienst en berekent de maximale periodebijdrage voor de cliënt. Het CAK werkt met verzamelinkomens vanuit een peiljaar, welk jaar twee jaar voor het lopende jaar ligt. Dit is noodzakelijk om over de verzamelinkomens, die afkomstig zijn van de belastingdienst, te kunnen beschikken.
De gemeente bepaalt aan de hand van de factuur de kostprijs. Indien de maximale periodebijdrage van een cliënt de totale kostprijs overschrijdt, dan betaalt de cliënt de totale kostprijs.
Eén van de taken van het CAK-BZ bestaat eruit om het eigen bijdrage plafond in de gaten te houden. Door het eigen bijdrage plafond kan de eigen bijdrage nooit meer bedragen dan dat het voor die persoon geldende maximum aan verschuldigde eigen bijdragen.