Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 9

Artikel 9.9

Grote woningaanpassingen versus verhuizen

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning

Een cliënt kan uitsluitend voor een aanpassing van de woning in aanmerking komen als verhuizing niet mogelijk is, of niet de goedkoopst adequate oplossing is. Hierbij dient nadrukkelijk gekeken te worden naar de persoonskenmerken en de mate waarin de aanvrager de noodzaak tot hulp of voorzieningen had kunnen voorzien. Als uiteindelijk een maatwerkvoorziening nodig is wordt wel - onveranderd- de goedkoopst adequate voorziening verstrekt. Bij met name grote woningaanpassingen dient de afweging worden gemaakt of dit de goedkoopst adequate oplossing is. Om discussie over wat al dan niet grote woningaanpassingen te objectiveren en richting te geven zal nog steeds het verhuisprimaatbedrag (zie Besluit maatschappelijke ondersteuning) worden gehanteerd. Als de kosten boven dit bedrag komen, en geen sprake is van zwaarwegende redenen waardoor aanpassen toch noodzakelijk is, worden geen woningaanpassingen toegekend. De cliënt wordt geadviseerd te verhuizen naar een geschikte woonruimte en wordt eventueel – indien nodig- ondersteuning geboden bij het vinden van geschikte woonruimte. Er wordt een medische urgentie afgegeven. Tevens zal er beoordeeld worden of de cliënt in aanmerking komt voor een onkostenvergoeding om te verhuizen. Kenmerken waarnaar gekeken moet worden bij de afweging of de verhuisplicht kan worden toegepast zijn: Aanwezigheid van aangepaste of eenvoudig aan te passen woonruimten; Vergelijking aanpassingskosten huidige – versus nieuwe woonruimte; Volkshuisvestelijke afwegingen; Woonlastenconsequenties van de verschillende opties. Hierbij moet ook rekening gehouden worden met de capaciteit van aanvrager om uit een oogpunt van kosten zelf in maatregelen te voorzien; Snelheid waarmee het woonprobleem kan worden opgelost; Sociale omstandigheden de binding die een cliënt heeft met de buurt; de aanwezigheid van familie en/of vrienden; de gezondheidssituatie van de partner; de aanwezigheid en afstand tot verschillende voorzieningen zoals winkels, het ziekenhuis, enz.; de mantelzorg die door de verhuizing zou wegvallen. Integrale afweging verschillende Wmo-voorzieningen (met name vervoersvoorzieningen); Werksituatie, vooral de afstand tot het werk; De gehandicapte of de aanvrager eigenaar van de woonruimte is. Bij het toepassen van het verhuisprimaat dient als volgt te worden gehandeld: De aanvrager dient zich in te schrijven bij woningbouwverenigingen; Cliënt werkt actief mee aan het vinden van woonruimte en gaat, eventueel na overleg met het college, in op aanbiedingen; Indien een aanvrager een redelijk aanbod van een woning weigert, wordt het verzoek tot woningaanpassing afgewezen; Indien tijdelijke maatregelen in de huidige woning noodzakelijk zijn, zal bekeken worden of die getroffen kunnen worden hetzij door inzet van artikelen uit de Thuiszorgwinkel, hetzij door bruikleenvoorzieningen door het college. De cliënt dient minimaal 12 maanden actief te zoeken naar andere woonruimte. De Wmo consulent zal proberen om waar mogelijk te bemiddelen bij de woningbouwvereniging om aan passende woonruimte te komen; Indien het niet lukt om binnen de genoemde termijn een geschikte woning te vinden zal alsnog een woningaanpassing worden toegekend. Tijdens de wachttijd kan al wel de procedure voor de woningaanpassing in gang worden gezet. Indien, afhankelijk van de omstandigheden, een woningaanpassing toch sneller gerealiseerd moet worden, kan de wachttijd worden bekort. Een toegekende woningaanpassing kan altijd worden herzien; Als een geschikte woonruimte beschikbaar komt en nog niet daadwerkelijk met de bouwactiviteiten is gestart, kan afgezien worden van de woningaanpassing. Alle gemaakte kosten worden vergoed; Indien jongeren een nieuwe levensfase starten is een duurdere woningaanpassing wel mogelijk onder de volgende voorwaarden: de verwachte nieuwe woonsituatie moet bestendig lijken; indien er sprake is van een huurwoning moet bekeken zijn of de aanvrager wel de meest aangewezen persoon is om te verhuizen (te denken valt aan een verhuizing van de ouders). In beide situaties komen aanvragers niet voor een verhuiskostenvergoeding in aanmerking.

Rechtspraak bij dit artikel