Onder de naam "Straatgeld" wordt een recht geheven wegens het
krachtens verleende vergunning of ontheffing tijdelijk in
gebruik nemen van de openbare dienst bestemde gemeentegrond voor
de volgende doeleinden:
het afschutten of omkasten van gebouwen, muren of erven,
zomede het plaatsen van steigers of schoren met of
zonder omtimmering;
de opslag van zand of bouwmaterialen met of zonder
schuttingen daaromheen, buiten afschuttingen of
steigerwerken, als bedoeld in sub a;
de opslag van andere grond of voorwerpen of uitstalling
daarvan, van welke aard ook;
het plaatsen van timmer-, kalk- of bergloodsen, ten
behoeve van het stichten of veranderen van
gebouwen;
het plaatsen van loodsen, geheel of gedeeltelijk
dienende tot tijdelijke woning of voortzetting van
nering of bedrijf;
het uitvoeren van werkzaamheden of verrichten van
arbeid, niet gepaard gaande met de opslag van voorwerpen
of het plaatsen van getimmerten als hiervoor
bedoeld;
Hoofdstuk I
Artikel 2
Aard van de heffing
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van straat-, kade- en havengeld 2016