Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4. › AFDELING 3.

Artikel 4:11

Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening

1.. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag de volgende  houtopstand(en) te vellen of te doen vellen: bomen  met een dwarsdoorsnede van meer dan 10 cm, gemeten op 1,3 meter hoogte op terreinen met recreatiewoningen gelegen in bos; a. bomen in een houtwal of houtsingel; een houtopstand die ter uitvoering van een herplantplicht als bedoeld in artikel 4:12b of 4:12c is geplant; overige bomen met een dwarsdoorsnede van meer dan 30 cm. 2.. Het verbod geldt niet: indien het bevoegd gezag vanwege acuut gevaar voor schade of letsel toestemming heeft gegeven voor het vellen; voor bomen in eigendom van de gemeente, die niet zijn aangewezen als monumentaal en mits het vellen wordt uitgevoerd overeenkomstig het door het bevoegd gezag vastgestelde beleid; voor een houtopstand die bij wijze van dunning moet worden geveld; voor het periodiek afzetten van een houtopstand ter uitvoering van het reguliere onderhoud; voor wegbeplantingen en eenrijige beplantingen op of langs landbouw gronden, beide voorzover bestaande uit niet geknotte populieren of wilgen; voor een houtopstand die deel uitmaakt van als zodanig bij het Bosschap geregistreerde bosbouwondernemingen en gelegen is buiten een bebouwde kom, tenzij de houtopstand een zelfstandige eenheid vormt die: ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are ofwel bestaat uit rijbeplanting van niet meer dan 20 bomen, gerekend over het totale aantal rijen; voor een houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektewet of krachtens een aanschrijving of last  van het college, zulks onverminderd het bepaalde in artikel 4:12c;

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel