Naar hoofdinhoud

Artikel 14

Weigeringsgronden

Onderdeel van Regeling Innovatiefonds gemeente Veenendaal

Het college weigert een aanvraag voor financieringssteun op grond van artikel 4:25 en 4:35 Awb, indien: het subsidieplafond is bereikt, zoals hierboven genoemd in artikel 6; aan een van de voorwaarden, zoals genoemd in artikel 7 niet is voldaan; de geldlening niet gebruikt wordt voor de uitvoering van de businesscase; het uitvoeren van de businesscase niet haalbaar is in een periode van vier jaar. De vier jaar-periode begint op het moment van verstrekking van de gemeentelening; de aanvrager over onvoldoende financiële middelen beschikt om de businesscase uit te kunnen voeren; de kosten van de businesscase redelijkerwijs anders kunnen worden gedekt; het niet nakomen van eerdere verplichtingen, verband houdend met onderliggende regeling; er sprake is van een aanstaand faillissement of surseance van betaling van de aanvrager; Het college kan, naast de in de Awb genoemde gevallen, een aanvraag voor financieringssteun in ieder geval geheel of gedeeltelijk weigeren indien naar zijn oordeel gegronde reden bestaat dat de aanvrager niet in staat is de verschuldigde rente en aflossing, , gedurende de gehele looptijd van de financieringssteun te dragen en de aanvrager doelen nastreeft of activiteiten ontplooit die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel