Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
parkeren:
het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een
voertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt
tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk
laden of lossen van zaken, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar
verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten
staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;
motorvoertuigen: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990 met
inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 onder ia van het RVV
1990 ;
dag: de periode van 09.00 uur tot 17.00 uur, waarbij een gedeelte
van een dag, als een hele dag wordt aangemerkt; •