Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III › Paragraaf 2

Artikel 11

Bevoegdheden

Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Nieuw Reijerwaard

1. Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4 behoren aan het Algemeen Bestuur alle bevoegdheden toe die niet ingevolge de regeling aan het Dagelijks Bestuur of de voorzitter zijn overgedragen. Het Algemeen Bestuur kan, door nadere regels te stellen, het uitoefenen van deze bevoegdheden overdragen aan het Dagelijks Bestuur, met dien verstande dat niet kunnen worden overgedragen de bevoegdheden bedoeld in het tweede lid, onder a. 2. Tot de in het eerste lid, eerste volzin, bedoelde bevoegdheden behoren in ieder geval de volgende bevoegdheden: Het vaststellen van algemeen verbindende voorschriften ter uitvoering van de in artikel 4 omschreven doelstelling; Het nemen van besluiten tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, met in achtneming van het bepaalde in artikel 31a van de Wet gemeenschappelijke Regelingen; Het sluiten van (bestuurs)overeenkomsten met andere overheden of bedrijven, gericht op de ondersteuning en uitvoering van het te voeren beleid; Het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen verband houdende met financiering van handelingen ter uitvoering van de doelstelling Het aan de raden van de deelnemers verzoeken om, in het kader van de in artikel 4 bedoelde doelstelling algemeen verbindende voorschriften, door strafbepaling of bestuursdwang te handhaven, vast te stellen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel