Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Maatstaf van heffing

Onderdeel van Verordening rioolheffing 2016 Oost Gelre

1.. De belasting wordt geheven naar het aantal kubieke meters water dat vanuit het perceel wordt afgevoerd. 2.. Het aantal kubieke meters water wordt gesteld op het aantal kubieke meters leidingwater en grondwater dat in het belastingjaar naar het perceel is toegevoerd of opgepompt, alsmede overige toegevoerde vloeibare substanties die via de riolering worden afgevoerd. 3.. Ingeval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie moet die pompinstallatie zijn voorzien van een: watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan worden afgelezen, of bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een pompinstallatie met een vaste capaciteit in bedrijf is geweest kan worden afgelezen. De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling van de hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van enige andere wettelijke bepaling. 4.. De op de voet van het tweede lid berekende hoeveelheid toegevoerd of opgepompt water wordt verminderd met de aantoonbare hoeveelheid water die niet is afgevoerd. Hierbij moet de op anderszins afgevoerde hoeveelheid water minstens 20% bedragen van de toegevoerde of opgepompte hoeveelheid. 5.. Indien, in verband met het ontbreken van afzonderlijke watermeters, niet de hoeveelheid afvalwater kan worden vastgesteld zoals hiervoor omschreven, wordt: voor tot woning dienende eigendommen de hoeveelheid water vastgesteld op 45 m3per persoon per jaar; voor de gebruikers van de niet tot woning dienende eigendommen de verdeelsleutel gehanteerd zoals deze door de respectievelijke gebruikers worden gebruikt voor de onderlinge verdeling van de waternota van Vitens N.V. en bij het ontbreken van een dergelijke regeling tot een zo reëel mogelijke verdeling op basis van beschikbare gegevens; 6.. Bij veehouderijen, die voldoen aan de tweede volzin van lid 4 en waarbij aantoonbaar 90% van het afgevoerde water bestaat uit huishoudelijk afvalwater, is de hoeveelheid afvalwater afhankelijk van het aantal in de bij het bedrijf behorende woning wonende personen op 1 januari van het betreffende belastingjaar. Het waterverbruik per persoon wordt gesteld op 45 m3 per jaar.

Rechtspraak bij dit artikel