Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 5

Subsidiëring (art. 4:23 Awb)

Onderdeel van nr 12.01 Algemene Subsidieverordening

Er kan subsidie worden verstrekt voor activiteiten die, naar inzicht van het college: passen binnen gemeentelijke doelstellingen ten aanzien van beleidsvelden zoals genoemd in deze verordening en de notitie subsidiegrondslagen, danwel blijken uit de gemeentebegroting; b.een direct Zevenaars belang hebben en in overwegende mate gericht zijn op (specifieke groepen van) inwoners van de gemeente Zevenaar; c.in georganiseerd verband plaatsvinden, gericht zijn op het scheppen van voorwaarden voor individuele ontplooiing, het vergroten van de zelfredzaamheid of het bevorderen van de lichamelijke en geestelijke gezondheid; d.open van karakter en toegankelijk zijn voor alle inwoners of specifieke groepen en een bijdrage leveren aan de realisatie van de gemeentelijke doelstelling; e.gericht op het versterken van de gemeenschapszin en het instandhouden en bevorderen van sociale verbanden in de gemeente Zevenaar. Teneinde in aanmerking te komen voor subsidie dient de aanvrager: de behoefte aan de activiteit, waarvoor subsidie wordt aangevraagd, aannemelijk te maken; aan te tonen dat de verwachting gerechtvaardigd is dat, met inbegrip van de aangevraagde subsidie, de financiële middelen toereikend zijn om de activiteiten te kunnen realiseren; c.waar mogelijk zijn activiteiten af te stemmen op die van soortgelijke instellingen en met dergelijke instellingen samen te werken. Het college kan terzake voorschriften in een beschikking tot verlening van de subsidie stellen; geen activiteiten te verrichten die in strijd zijn met de wet; een vereniging te zijn met 10 of meer leden of een Stichting met 10 of meer deelnemers per activiteit te zijn. Subsidiering van activiteiten vindt niet plaats indien: de instelling zelf in de kosten daarvan kan voorzien, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van derden, tenzij het college van oordeel is dat de te leveren activiteiten van dermate belang zijn dat van deze regel kan worden afgeweken. Het college kan daartoe nadere richtlijnen opstellen; b.de activiteiten of nevenactiviteiten gericht zijn op de gemeenschap of op doelgroepen waarin reeds op andere wijze is voorzien; c.het commerciële activiteiten betreffen, activiteiten die het karakter dragen van discriminatie, in strijd zijn met de fatsoensnormen en goede zeden of gestoeld zijn op partijpolitieke, godsdienstige of levensbeschouwelijke grondslag; d.subsidie leidt tot vermogensvorming1. 1 Bestemmingsreserves: indien inzichtelijk en helder geformuleerd vallen deze niet onder vermogensvorming. Vrije reserves: welke groter zijn dan 10% van het totaal aan eigen inkomsten en het toegekende subsidiebedrag vallen onder vermogensvorming.

Rechtspraak bij dit artikel