De aanvraag wordt ondertekend en bevat in ieder geval (art. 4:2
Awb):
de naam en het adres van de aanvrager;
de dagtekening;
een aanduiding van de beschikking die wordt
gevraagd.
Daarnaast wordt de aanvraag vergezeld van:
een activiteitenplan;
een begroting.
Bij een eerste aanvraag worden door de aanvrager, die tevens
rechtspersoon met volledige
rechtsbevoegdheid is, tevens de volgende stukken overgelegd:
een afschrift van de oprichting- of stichtingsakte;
indien aanwezig de laatst opgemaakte jaarrekening als bedoeld in
artikel 361 Boek 2 BW,
danwel de balans en de staat van baten en lasten en de toelichting
daarop of, indien deze
bescheiden ontbreken, een verslag over de financiële positie van de
aanvrager op het
moment van de aanvraag;
de stukken als bedoeld in sub b van dit lid zijn voorzien van
accountantsverklaring.
De aanvrager doet, indien hij voor dezelfde begrote
uitgaven tevens subsidie heeft aangevraagd
bij een of meer andere bestuursorganen, daarvan mededeling in de
aanvraag, onder vermelding
van de stand van zaken met betrekking tot de beoordeling van die
aanvraag of aanvragen.
5.Het college kan vrijstelling of ontheffing verlenen van de in het
derde lid sub c genoemde
verplichtingen.
6.Het college kan binnen een door hen te bepalen termijn overlegging van
andere stukken of
anderszins verstrekking van nadere informatie verlangen, indien het
college dit ter beoordeling
van de aanvraag nodig acht.