Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 23

Inhoud van de aanvraag

Onderdeel van nr 12.01 Algemene Subsidieverordening

De aanvraag wordt ondertekend en bevat in ieder geval (art. 4:2 Awb): de naam en het adres van de aanvrager; de dagtekening; een aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd. Daarnaast wordt de aanvraag vergezeld van: een activiteitenplan; een begroting. Bij een eerste aanvraag worden door de aanvrager, die tevens rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid is, tevens de volgende stukken overgelegd: een afschrift van de oprichting- of stichtingsakte; indien aanwezig de laatst opgemaakte jaarrekening als bedoeld in artikel 361 Boek 2 BW, danwel de balans en de staat van baten en lasten en de toelichting daarop of, indien deze bescheiden ontbreken, een verslag over de financiële positie van de aanvrager op het moment van de aanvraag; de stukken als bedoeld in sub b van dit lid zijn voorzien van accountantsverklaring. De aanvrager doet, indien hij voor dezelfde begrote uitgaven tevens subsidie heeft aangevraagd bij een of meer andere bestuursorganen, daarvan mededeling in de aanvraag, onder vermelding van de stand van zaken met betrekking tot de beoordeling van die aanvraag of aanvragen. 5.Het college kan vrijstelling of ontheffing verlenen van de in het derde lid sub c genoemde verplichtingen. 6.Het college kan binnen een door hen te bepalen termijn overlegging van andere stukken of anderszins verstrekking van nadere informatie verlangen, indien het college dit ter beoordeling van de aanvraag nodig acht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel