Het college kan de subsidieontvanger in de beschikking verplichtingen
opleggen met betrekking tot:
de aard en de omvang van de activiteiten waarvoor subsidie wordt
verleend (art. 4:37 sub a Awb);
de administratie van aan de activiteiten verbonden uitgaven en
inkomsten (art. 4:37 sub b Awb);
het voor de subsidievaststelling verstrekken van gegevens en
bescheiden die nodig zijn voor
een beslissing omtrent subsidie (art. 4:37 sub c Awb);
de te verzekeren risico’s (art. 4:37 sub d Awb);
het stellen van zekerheid voor verleende voorschotten (art. 4:37
sub e Awb);
het afleggen van rekening en verantwoording omtrent de verrichte
activiteiten en de daaraan
verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling
van de subsidie van
belang zijn (art. 4:37 sub f Awb);
g.het beperken of wegnemen van nadelige gevolgen van de subsidie voor
derden (art. 4:37 sub g
Awb).