Naar hoofdinhoud
De vergaderingen van de commissie zijn besloten. Alle stukken van de commissie zijn geheim. Dit wordt duidelijk zichtbaar op de stukken vermeld. De voorzitter van de commissie wijst bij aanvang van elke vergadering op de geheimhoudingsplicht. Aan raadsleden die geen zitting hebben in de commissie wordt geen inzage of informatie verstrekt inzake de stukken en het behandelde in de vergaderingen van de commissie. De commissie treft alle benodigde voorzieningen met betrekking tot de wijze waarop de geheimhouding gewaarborgd blijft bij het beheer van bescheiden, het voeren van correspondentie en bij de bepaling van plaats en tijdstip van de gesprekken. De commissie en de gemeenteraad kunnen de geheimhouding waartoe de Gemeentewet verplicht, niet opheffen. De geheimhoudingsplicht blijft na ontbinding van de commissie onverminderd van kracht. Het in dit artikel bepaalde is van overeenkomstige toepassing op de (plaatsvervangend) secretaris en de adviseur(s). Wettelijke geheimhoudingsplicht Formeel genomen is het niet nodig om een geheimhoudingsplicht in een verordening op te nemen en daarop bij de start van elke vergadering uitdrukkelijk te laten wijzen, als die al rechtstreeks voortvloeit uit de wet. In dit geval artikel 61c van de Gemeentewet. Als het gaat om herbenoemingsprocedures en bij functioneringsgesprekken legt de commissie in elke vergadering en bij elk gesprek, met toepassing van artikel 86 van de Gemeentewet, geheimhouding op over de inhoud van de stukken en het behandelde tijdens de vergadering of het gesprek. De geheimhoudingsplicht is van zo groot belang, dat er in artikel 1 en in dit onderhavige artikel specifiek op wordt gewezen. Om ongelukken te voorkomen, wordt bijvoorbeeld ook duidelijk melding gemaakt op alle documenten, dat hier sprake is van strikte geheimhoudingsplicht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel