Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 12

Financieringsfunctie

Onderdeel van Financiële verordening gemeente Raalte 2015

1.. Het college draagt zorg voor: een risicomijdende uitvoering van de treasuryfunctie; het tijdig aantrekken van voldoende financieringsmiddelen om de (deel-)programma’s binnen de door de raad vastgestelde kaders van de begroting uit te voeren. het beheersen van de risico’s verbonden aan de financieringsfunctie zoals renterisico’s en kredietrisico’s. het beperken van de rentekosten van leningen; het beperken van de interne verwerkingskosten en de externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities. 2.. Het college neemt bij het uitvoeren van de financieringsfunctie de volgende richtlijnen in acht, tenzij de wetgeving anders bepaald: het uitzetten van overtollige geldmiddelen gebeurt in eerste instantie uitsluitend bij het rijk door middel van schatkistbankieren. Indien die verplichting er niet is dan uitsluitend bij financiele instellingen met minimaal een AA rating afgegeven door tenminste één gezaghebbende rating agency, of bij instellingen voor wiens waardepapieren een solvabiliteitseis geldt van 0%. overtollige geldmiddelen worden uitsluitend uitgezet tegen vastrentende waarden, dan wel in producten waarbij de hoofdsom tenminste aan het eind van de looptijd in tact is. er wordt geen gebruik gemaakt van financiele derivaten als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet financiering decentrale overheden; overeenkomsten voor het aangaan van leningen of het uitzetten van middelen luiden in euro’s. 3.. Bij het uitzetten van middelen en het aangaan van financiële participaties uit hoofd van de publieke taak bedingt het college indien mogelijk zekerheden. Het college motiveert in zijn besluit het openbaar belang van dergelijke uitzettingen van middelen en financiële participaties. 4.. De regels van het beleid en de organisatie genoemd in dit artikel worden uitgewerkt in het door het college vast te stellen Treasurystatuut.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel