Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 10.

Kostprijsberekening en tarieven.

Onderdeel van 3e wijziging van de Financiële verordening Gemeente Eindhoven 2009

1.. De grondslag voor het bepalen van de heffingen en tarieven wordt gevormd door de geraamde kostprijs van de betreffende producten en diensten van de gemeen­te Eindhoven. Bij de kostentoerekening worden naast de directe kosten alleen die indirecte kosten betrokken, die samenhangen met de door de gemeente verleen­de diensten. 2.. Bij de indirecte kosten worden betrokken de bijdragen aan reserves en voorzie­ningenvoor de noodzakelijke vervanging van de betrokken activa, de kapitaal­lasten van de in gebruik zijnde activa en voor rioolrechten, reinigingsrechten en afvalstoffenheffing de compensabele btw. 3.. De omslagrente voor de rentetoerekening van de kapitaallasten wordt bepaald door het rentetotaal van de uitstaande leningen en de bij begroting vastgestelde gecalculeerde rente over het eigen vermogen en voorzieningen. 4.. Het college doet jaarlijks een voorstel aan de raad voor de hoogte van de ge­meentelijke tarieven voor belastingen en rechten. 5.. Het college is bevoegd tot het vaststellen van tarieven en prijzen voor een ge­meentelijke dienst of de levering van goederen of werken die niet krachtens de gemeentewet aan de raad zijn voorbehouden (zoals onder andere voor toe­gangsprijzen zwembaden, van Abbemuseum en de verkoop van panden).

Rechtspraak bij dit artikel