1 De belastingplichtige als bedoeld in artikel 4 van de Verordening
Afvalstoffenheffing kan in aanmerking komen voor vrijstelling van de
toeslag voor het gebruik van een 240 liter container voor restafval
indien hij/zij als gevolg van chronische ziekte, handicap, of chronische
ziekte of handicap van personen die behoren tot zijn of haar huishouden,
extra restafval moet aanbieden aan de gemeentelijke inzameldienst.
2 De belastingplichtige die in aanmerking wil komen voor deze
vrijstelling dient een daartoe strekkend verzoek in bij de
heffingsambtenaar. Bij dit verzoek dient een bewijsstuk te worden
gevoegd waaruit blijkt dat als gevolg van een chronische ziekte of
handicap extra afval wordt aangeboden. Als geldig bewijsstuk wordt,
behalve een schriftelijke verklaring van een huisarts,
wijkverpleegkundige of verzekeraar, ook de factuur van de apotheek of de
pakbon van het gebruikte materiaal, geaccepteerd.
3 De vrijstelling gaat in op de eerste dag van de maand volgend op het
ontvangen van het verzoek, en is geldig voor het lopende kalenderjaar.
Voor het nieuwe jaar moet het verzoek opnieuw, met een actueel
bewijsmiddel zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel, worden ingediend.
4 De vrijstelling wordt voor slechts één container voor restafval per
perceel verleend.
Hoofdstuk II
Artikel 5
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing en reinigingsrechten 2016