**1..** Een lid van de raad dat lid is van de vertrouwenscommissie, bedoeld
in artikel 61, derde lid, van de Gemeentewet dan wel de
rekenkamerfunctie, bedoeld in artikel 81oa van de Gemeentewet,
uitoefent dan wel lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in
artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet, ontvangt voor de duur
van het lidmaatschap van de commissie dan wel de duur van de
activiteiten per jaar een toelage van 5% van de vergoeding voor de
werkzaamheden op jaarbasis.
**2..** Voor de toepassing van het eerste lid stelt de burgemeester de duur
van het lidmaatschap van de commissie dan wel de duur van de
activiteiten vast.
Hoofdstuk II
Artikel 4
Toelage bijzondere commissies
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2014 (zonder WKR)