**lid 1..** De leidinggevende is verantwoordelijk voor de bezetting van het team.
**lid 2..** Eenmaal per jaar worden basisafspraken gemaakt tussen de leidinggevende en de medewerker over de werktijden en werkplanning binnen het dagvenster. Deze afspraken worden in de gesprekkencyclus besproken en schriftelijk vastgelegd.
**lid 3..** De medewerker kan de leidinggevende verzoeken om plaats- en tijdonafhankelijk te werken. Een dergelijk verzoek zal worden bekeken in het licht van de kader Plaats- en Tijdonafhankelijk werken aansluitend bij de behoeften van medewerker en werkgever. Uitgangspunt is goed werkgeverschap en goed werknemerschap. De leidinggevende geeft vertrouwen en ruimte, de medewerker draagt een grote professionele verantwoordelijkheid.
**lid 4..** Uitgangspunt bij het maken van de basisafspraken over werktijden is een efficiënte en effectieve bedrijfsvoering, een goede procesgang van de werkzaamheden in het team, bereikbaarheid voor interne en externe klanten en een optimale samenwerking op en tussen de teams.
**lid 5..** De volgende onderwerpen dienen in ieder geval te worden besproken:
Het aantal uren per werkdag dat de medewerker normaal gesproken werkt en de keuze voor een werkindeling per week.
De werktijden in relatie tot de planning van de werkzaamheden.
Er kunnen afspraken gemaakt over de werktijden waarop de medewerker plaats- en tijdonafhankelijk werkt.
**lid 6..** Bijstelling van de afspraken kunnen in overleg plaatsvinden. In ieder geval worden tweemaal per jaar de basisafspraken over werktijden en werkplanning geëvalueerd. Overleg hierover is een vast onderdeel van de gesprekkencyclus.
**lid 7..** Wanneer de medewerker binnen het dagvenster werkzaamheden moet verrichten buiten de afgesproken werktijden, wordt de gewerkte tijd op een ander moment gecompenseerd. De leidinggevende en de medewerker maken samen afspraken om de tijd te compenseren. Deze uren kunnen niet opgespaard worden of worden omgezet in vakantie-uren.