Voordat een wijkverbod wordt opgelegd, wordt de betrokkene in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze over het voorgenomen wijkverbod kenbaar te maken. Indien de betrokkene van die gelegenheid gebruik maakt, wordt de afgelegde verklaring schriftelijk vastgelegd. Ook indien de betrokkene expliciet kenbaar maakt hier geen gebruik van te willen maken wordt dit schriftelijk vastgelegd.