Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 3

Artikel 4.3.1

Handelen zonder of in strijd met een vergunning

Onderdeel van Regionale Huisvestingsverordening Waterland 2016

1.. Burgemeester en wethouders kunnen een bestuurlijke boete opleggen bij overtreding van de verboden bedoeld in artikel 8 en 21 of 22 van de wet of handelen in strijd met de voorwaarden of voorschriften, bedoeld in artikel 24 van de wet. 2.. Burgemeester en wethouders leggen een boete op: voor de eerste overtreding van de artikelen genoemd in het eerste lid overeenkomstig kolom A van de in het derde lid opgenomen Tabel bestuurlijke boete; voor de tweede en volgende overtreding van de artikelen genoemd in het eerste lid binnen 3 jaar na de eerste overtreding overeenkomstig kolom B van de in het derde lid opgenomen Tabel bestuurlijke boete. 3.. De Tabel bestuurlijke boete, zoals genoemd in het tweede lid, luidt als volgt: Tabel bestuurlijke boete Kolom A Kolom B Boetebedrag 1e keer (in €) Boetebedrag 2e e.v. keer binnen 3 jaar na de 1e keer (in €) In gebruik nemen van woonruimte zonder vergunning 340 340 In gebruik geven van woonruimte zonder vergunning bij niet-bedrijfsmatige exploitatie (door huurder of door eigenaar met één woning in de verhuur) 3000 4500 In gebruik geven van woonruimte zonder vergunning bij bedrijfsmatige exploitatie (eigenaar / verhuurder met meer dan één woning) 6000 9000 In gebruik geven van woonruimte zonder vergunning door een huurder tegen een hogere huurprijs dan door hemzelf feitelijk wordt betaald 12000 18500 Onttrekken zonder vergunning 12000 18500

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel