Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.6

Hardheidsclausule/inherente afwijkingsbevoegdheid

Onderdeel van Beleidsregels beschermd wonen en opvang (centrum)gemeente Dordrecht

De individuele omstandigheden van de cliënt, zoals zijn persoonskenmerken en behoeften, kunnen het noodzakelijk maken af te wijken van de verordening, de nadere regels of deze beleidsregels. Het afwijken van verordening, nadere regels of beleidsregels kan alleen maar ten gunste, en nooit ten nadele van de cliënt. Met nadruk is gemeld: in bijzondere gevallen. Het gaat hier dus om een uitzondering en geen regel. In verband met precedentwerking moet dan ook steeds duidelijk worden aangegeven aan waarom in een bepaalde situatie wordt afgeweken. Het afwijken van de verordening of nadere regels gebeurt met een stevige onderbouwing onder toepassing van de in de verordening opgenomen hardheidsclausule. Een aantal regiogemeenten heeft geen mandaat verleend voor het toepassen van de hardheidsclausule. Dat betekent dat het college van de betreffende gemeente zelf besluit over de toepassing van de hardheidsclausule. Er moet worden afgeweken van deze beleidsregels, indien toepassing daarvan voor een of meer cliënten gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met deze beleidsregels te dienen doelen (artikel 4:84 Awb). Dit wordt de ‘inherente afwijkingsbevoegdheid’ genoemd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel